11.10.2025

arizona werkt aan een begroting, maar niet aan rechtvaardigheid


 

 

 Bart De Wever heeft nog maar eens uitstel gekregen voor de begroting. Onze voorzitter Ann Vermorgen reageert scherp en stelt dat er dringend meer rechtvaardigheid moet komen: "Dat vraagt vooral introspectie aan alle partijen aan tafel. Gewone mensen hebben geen boodschap aan politieke spelletjes, maar aan verantwoordelijke leiders. Daarom is een rechtvaardige begroting nodig. Een correcte bijdrage van vermogen, waarbij allé vermogensinkomsten, op een gelijke manier bijdragen als inkomsten uit arbeid."

Ook moet deze regering meer moed hebben om het geld daar te halen waar écht het zit. Onze voorzitter ziet alvast waar er gigantische efficiëntiewinsten te boeken vallen: "Er zijn correcte sociale bijdragen voor alle statuten nodig. En een afbouw van bewezen nutteloze loonsubsidies. Ook een correcte inning van belastingen, onder meer van de BTW. Deze BTW-kloof, – het verschil tussen de verwachte btw-inkomsten en het geïnde bedrag, is in ons land 4 procentpunt hoger dan het EU-gemiddelde. Die kloof terugbrengen van 11% naar 7% door striktere controles en procedures zou een meerinkomst van 1.6 miljard euro betekenen."

 

 

Meer op de campagnepagina van ACV 

Soedan

Maandag, brugdag, documentaire-tijd.
Focus op de verschrikkelijk burgeroorlog in Soedan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

11.09.2025

mystici als tegengif voor toxische mannelijkheid

Op deze fraaie zondag een tekst over katholiek zijn, over man zijn en over de mystici als tegengif voor toxiciteit.

 

 

"Are you a Catholic man who's fat and ugly?," the man on my screen asks. "Well, now you can just be ugly!" 

I'm watching a Catholic fitness coach advertise his business of getting Catholic men to "practice what you preach by taking care of your body." In another video, a different influencer who describes themselves as an "Unchivalrous Catholic" has a video in which he responds to Trump granting refugee status to South African immigrants by saying: "Funny how once we started taking in attractive immigrants liberal white women are fighting for borders."

In the "manosphere," a word that refers to a pocket of podcasts, social media accounts and influencers whose primary audience is young men, content varies: There are hangout podcasts focused on hookups and drunken nights out, fitness influencers who post motivational gym videos and hustler coaches with businesses to help men make money (sometimes in the form of pyramid schemes). Put simply, it's a digital space reflecting the modern ideal of what it means to be a man. And it has an interesting subsection in Catholicism.



You know you've found the Catholic manosphere if the influencers are working out, drinking beer, smoking cigars or eating a steak on a wooden cutting board while talking about the Latin Mass or the Crusades. Or commentators might be giving religious reactions to things like Chappell Roan publicly stating that she doesn't want kids or the controversial Olympic opening ceremonies last summer. Other influencers focus their content on dating tips, ostensibly helping Catholic men get a girlfriend who is "traditionally-minded."

The internet, like everything, should be used in moderation. And the kind of short form content common in this circle of influence only creates an echo chamber online that emphasizes harmful and, frankly, unchristlike ideals. If it must exist, the Catholic manosphere should push Catholic men away from the noise and division of the internet and toward the silence and meekness of Christ. If we make content on the internet, especially if we're stamping "Catholic" on it, our goal shouldn't be to get more views, but to create something that glorifies Christ and makes saints.



That's where the Catholic manosphere misses the mark. Here, so-called "virtues" center a masculinity in which being the loudest, fittest and edgiest means more than a strong interior life and actual spiritual fruit. Authentic masculinity always produces corporal acts of mercy. Any crafted ideal of manhood that doesn't include sheltering the homeless and feeding the hungry is warped.

Our historical mystics understood this. Catholic mysticism emphasizes the growing personal union one has with Christ; its end is oneness with Christ. Everyone is called to this encounter, and there are many male teachers, saints and church doctors who can serve as guides for modern men.





St. John of the Cross (Archdiocesan Museum in Katowice, Public domain, via Wikimedia Commons)

St. John of the Cross (Archdiocesan Museum in Katowice/Wikimedia Commons)



Take St. John of the Cross. A Spanish Carmelite during the height of the Reformation, his poetry "Dark Night of the Soul" and "Spiritual Canticle" focus on his longing for Christ. Alongside St. Teresa of Avila, another saint whom men can learn from, he reformed the Carmelite way of life. John's holiness led to his canonization, as well as his title of doctor of the church. Here is a true man, a man after God's heart, and yet he is all but omitted from the discussions in the Catholic manosphere. After all, being a poet doesn't fit into the manosphere's idea of masculinity. (Men are supposed to lift weights, not write poetry longing for Christ!) 



More threateningly to these Catholic influencers, the mysticism of the church focuses not on how to better oneself, but on how to share one heart with Christ. Mysticism requires that we focus on our own soul and on Christ, not on getting in shape or getting a girlfriend. Taking care of one's body and desiring to have a life partner are good things, but our desires need to be first ordered towards Christ; and so too should we encourage others to first seek Christ.



The Catholic manosphere can be motivational or incendiary, but it isn't often helping men become more meek. So, men: don't look to the manosphere to learn masculinity — look to the mystics. If you like podcasts, try "St. Anthony's Tongue," which focuses on a different mystic every episode. Grab a book by a Catholic mystic, like The Interior Castle, written by Teresa of Avila, or Seven Storey Mountain, by Thomas Merton. Do a novena to St. John of the Cross. Let the mystics guide you to the truest representation of what it means to be a man: the one who became Man.

 

 

 

Een artikel van de National Catholic Reporter

 

11.08.2025

Vrijheid, Gelijkheid, Zusterschap

Op deze fraaie zaterdag een lied.

 

In Nederland heeft extreem-rechts een propaganda-stunt uitgehaald. Een ia-gemaakt 'lied', openlijk xenofoob, een haatlied tegen vluchtelingen, wordt momenteel gepusht als 'hit', het wordt zodanig veel gestreamd dat het in de hitlijsten terecht komt (en dus nog mee gepusht wordt). Gelukkig is er ook een tegenbeweging op gang gekomen rond dit fantastische lied. Sophie Straat maakte een lied over dromen van een betere wereld, over verdraagzaamheid en liefde. Beluister het lied, lees de tekst, stream en deel.

 

 

 

 

Ik val in slaap op mijn troon van koninklijk fluweel
Ik doe alles waar ik zin in heb
In mijn roze luchtkasteel
Ik mag eten, ik mag drinken, 'k mag vrijen met wie ik wil
In mijn dromen ben ik Marie Antoinette
In de eenentwintigste eeuw
Hey Hey


De AZC's zijn allang verleden tijd
De dealer heeft alleen maar biologisch kwaliteit
In Rusland kan je zijn wie je eigenlijk wil zijn
En in de Champions League finale mag hij zoenen met een hij
De jungle in Brazilië daar komt niemand ooit meer aan
De koeien en de varkens hebben ook recht van bestaan
De VVD zal nooit meer op een voetstuk staan
En Prins Bernhard heeft alleen nog maar
Een heel klein huisje op de maan
En als ik wakker wordt dan lijkt het wel de achttiende eeuw
De een heeft niets te zeggen, en de ander veel te veel
Weer een stap achteruit, is er nou niemand die schreeuwt
Vrijheid gelijkheid en zusterschap


In Afghanistan gaan vrouwen naar de universiteit
Heel Texas kent abortus met een buddy aan je zij
Op de westelijke oevers is de oorlog reeds voorbij
En de Sionkerk in Urk sluit haar deuren voor altijd
Niemand heeft hier ooit gehoord van kinderbijslag
De ijsbeer op de noordpol loopt rond met een grote lach
Alle kInderen in Pakistan hebben vakantie elke dag
En dat allemaal in mijn wereld zonder bijbels gezag
En als ik wakker wordt dan lijkt het wel de achttiende eeuw
De een heeft niets te zeggen, en de anders veel te veel
Weer een stap achteruit, is er nou niemand die schreeuwt
Vrijheid gelijkheid en zusterschap


En als ik wakker wordt lijkt dan het wel de achttiende eeuw
De een heeft niets te zeggen, en de anders veel te veel
Weer een stap achteruit, is er nou niemand die schreeuwt
En als ik wakker wordt dan lijkt het wel de achttiende eeuw
De een heeft niets te zeggen, en de anders veel te veel
Weer een stap achteruit, is er nou niemand die schreeuwt

11.07.2025

Pedagogen als zondebok?

 Er gaat veel mis in het onderwijs. In de publieke opinie en bij heel wat collega's is dat dan de schuld van 'de pedagogen', zij die niet voor de klas staan, die die weer iets uitgedacht hebben. 

De neoliberale besparingsregering levert een bijdrage aan dat dedain voor expertise. Het buikgevoel en het parler vrais van minister Demir lokte bij onderwijskundigen Jan Masschelein en Maarten Simons een zeer lezenswaardig opiniestuk uit. We nemen het hier integraal over.

 

 

‘Pedagogen als zondebok? Wij vrezen dat de geschiedenis zich herhaalt’

‘Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir lijkt met haar woorden het eeuwenoude misprijzen voor ‘de pedagoog’ nieuw leven in te blazen’, schrijven Jan Masschelein en Maarten Simons na de gastles die de minister deze week gaf aan 800 studenten psychologie en pedagogie van KU Leuven.

In haar ‘les’ voor psychologen en pedagogen eerder deze week aan de KU Leuven zegt onderwijsminister Zuhal Demir dat een ‘aantal pedagogen’ zich in het verleden te veel met het onderwijs hebben beziggehouden in de plaats van onderwijsspecialisten. En dat dat zou moeten veranderen. De invloed van pedagogen zou geleid hebben tot verpampering en het  vergeten van het belang van kennis.

Over de indruk die ze heeft nagelaten bij de studenten psychologie en pedagogiek in de zaal moeten we niet al te zeer twijfelen: dat we in het onderwijs eigenlijk geen pedagogen hoeven. Die indruk blijkt ook uit het commentaar op ROB, de regionale zender die van het gebeuren verslag uitbrengt,  waar het niet gaat over een ‘aantal’ pedagogen, maar over ‘de’ pedagogen.

Maar los van het nalaten van die indruk zijn haar uitspraken verontrustend. De minister lijkt met haar woorden het eeuwenoude misprijzen voor ‘de pedagoog’ nieuw leven in te blazen.

Of iemand heeft ingefluisterd wat ze heeft gezegd, weten we niet, maar de minister beschikt duidelijk niet over volledige of correcte informatie. Studenten pedagogiek verdienen erkenning voor hun engagement en potentieel — ze verdienen vertrouwen en ondersteuning, niet wantrouwen nog voor hun opleiding goed en wel begonnen is.

Verlichte onderwijsexperten

We vinden het onze verantwoordelijkheid naar de studenten toe om de uitspraken van de minister over pedagogen te corrigeren. Vooreerst waren de ‘pedagogen in het verleden’ waar de minister naar verwijst eigenlijk altijd al zogenaamde onderwijsspecialisten. Daaronder ook prominente beleidsbepalers onder verschillende Vlaamse onderwijsministers in de afgelopen decennia, naast tal van onderwijsspecialisten in onder meer de lerarenopleidingen.

Ook toen al wilden die onderwijsdeskundigen zich maar al te graag onderscheiden van ‘de pedagogen’ omdat die volgens hen te normatief of belerend zouden zijn. Het zou die pedagogen aan deskundigheid ontbreken en als er iets mis loopt in het onderwijs dan is de zondebok snel gevonden.

Dat neerkijken op pedagogen was er toen, en dat is er nu nog steeds in hoofde van tal van beleidsmakers en zogenaamde ‘echte’ wetenschappers. Wat op zich natuurlijk heel paradoxaal is: aan de ene kant worden pedagogen vaak verguisd en buiten het beleid gehouden, maar tegelijkertijd zijn ze de grote schuldigen als het fout loopt ook al stonden ze de facto buitenspel. Zondebokken dus.  

We moeten ook in herinnering brengen dat een aantal van die invloedrijke onderwijsspecialisten niet zozeer didactisch of onderwijskundig naar onderwijs keken. Ze wilden in zeer grote mate gewicht aan hun expertise geven door zich te beroepen op de psychologie. Niet enkel de psychotherapeutische stromingen wanneer het om de ontdekking van ‘welbevinden’ gaat, maar ook de cognitieve psychologie en de verschillende visies op kennisconstructie. In handen van die onderwijsspecialisten werd het pedagogisch-didactische of het onderwijskundige louter een vorm van toegepaste psychologie (daarbij fundamenteel onrecht doend aan de eigenheid van zowel de psychologie als bijvoorbeeld de didactiek).

Vanuit deze experten werd bovendien in belangrijke mate de focus op ‘welbevinden’, maar ook het zogenaamde ‘competentiegericht’  en ‘competentie-gebaseerd’ onderwijs mee gepromoot. Vanuit deze hoek was er een uitgesproken voorkeur voor datgene wat men ‘leerling-gecentreerd’ onderwijs noemt (onderwijs op maat, en meer en meer ook gepersonaliseerd onderwijs), waarbij de leerkracht in eerste instantie een coachende rol heeft en waar de inhouden louter informatie(f) en dus functioneel zijn.

En hier is er trouwens weinig nieuws onder de zon: een aantal onderwijsspecialisten zal vandaag opnieuw de cognitieve psychologie inroepen om bijvoorbeeld het belang van (voor)kennis in onderwijsdoelen te onderlijnen (iets dat trouwens al decennialang door (vak)didactici wordt bepleit), en om nu komaf te maken met die focus op competenties, welzijn en coaching die een aantal van die specialisten voorheen zelf sterk hebben bepleit. Uiteraard, voor die verlichte onderwijsexperten die vandaag het hoge woord voeren zijn de pedagogen opnieuw kop van jut.

In tegenstelling tot wat de onderwijsminister beweert, heeft het beleid en de onderwijspraktijk de laatste vijfentwintig jaar dus niet zozeer naar een aantal pedagogen geluisterd, maar naar een aantal onderwijsspecialisten die zich uitdrukkelijk geen pedagoog wilden noemen. Misschien hadden beleidsmakers precies wat meer kunnen luisteren naar een aantal pedagogen. Zo waren er pedagogen die al aan het begin van het vorige decennium de school verdedigden tegen al de pogingen om de inhoud (of de rijke werelden van de taal, de getallen, de dieren, natuurkrachten, ….) te verwaarlozen ten voordele van generieke en af te vinken competenties.

Ook toen al waren er vanuit pedagogische hoek vragen bij de expliciete focus op psychisch welbevinden waarvan men blijkbaar ‘wist dat’ men dan sneller of beter leert. Het moet bijna twintig jaar geleden zijn dat die pedagogen bij leerkrachten het belang van de ‘liefde voor het vak’ onderlijnden om te vermijden dat alles verdampt in generieke competenties en toen ook durfden spreken van zoiets als de noodzaak van ‘pedagogische discipline’.

Misschien had men ook kunnen luisteren naar een aantal pedagogen die al halverwege het vorige decennium signaleerden dat het centraal stellen van de leerling en de obsessie met onderwijs op maat, de emanciperende kracht van de school uitholt. 

Bedachtzaamheid en terughoudendheid

Het punt is niet dat deze pedagogen het bij het rechte eind hadden, en de opgevoerde onderwijsspecialisten niet. We vragen alleen om enige vorm van bedachtzaamheid en terughoudendheid wanneer het gaat om onderwijsbeleid en het volgen van experten, zeker wanneer die onderwijsexperten zich uitdrukkelijk boven anderen plaatsen.

Maar we vrezen dat de geschiedenis zich herhaalt. Ook nu is er een kleine krans van onderwijsspecialisten dat de waarheid in pacht heeft en samen met de minister het beleid uitstippelt.

Misschien nog meer dan vijfentwintig jaar geleden sabelen deze specialisten alle afwijkende inzichten, ideeën of voorstellen haast a priori neer als ‘onwetenschappelijk’ en onderscheiden ze zich weer uitdrukkelijk van ‘de pedagogen’. Net zoals toen vragen we dus om enige voorzichtigheid wanneer pedagogen zonder meer opzij worden geschoven.

We hopen dat de heftigheid waarmee dat gebeurt toch enige argwaan oproept ten aanzien van de geclaimde wetenschappelijkheid van die experten (alsof anderen opzij duwen de enige manier is om zichzelf in de kijker te plaatsen).

Een aantal van die opzij geschoven pedagogen zegt trouwens dat net zoals de uitgesproken focus op het welbevinden van de leerling en op competenties destijds, de exclusieve focus op gedragsmanagement en kennis vandaag de kracht van de school compleet uitholt. Die pedagogen voeren aan dat we op de korte termijn misschien wel beter zullen scoren op de Vlaamse en internationale toetsen, maar dat dit hoegenaamd niet bijdraagt tot een grondige, brede basisvorming en jonge mensen met maturiteit.

Een aantal van die pedagogen voeren bovendien aan dat precies daardoor de school nog meer aantrekkingskracht verliest voor jongeren én voor leerkrachten (met nog meer lerarentekorten en nog meer leerlingenuitval tot gevolg). Het zijn pedagogen die vandaag pleiten om de school meer school te laten zijn, meer in te zetten op een avontuurlijke, spannende, geëngageerde en ja ook gedisciplineerde kennismaking met (nieuwe) werelden. En dit in de plaats van enkel op het najagen van goed gedrag en leerwinst (een heel ‘volwassen’ maar erg lege passie).

Een aantal van die pedagogen denkt dat we over twintig jaar gaan zeggen: hoe kan het toch dat het onderwijsbeleid zich twee keer na elkaar heeft laten vangen door haast blindelings achter de vlag te lopen van een kleine groep specialisten? En we maken ons geen illusies. Over vijfentwintig jaar zal men uiteraard weer kunnen zeggen: het was de schuld van de pedagogen.

We hebben ze al eerder geformuleerd, maar we herhalen graag onze voorzichtige hypothese, dat de sterkte van het Vlaamse onderwijs lag in de rijkdom van het pedagogische landschap, met een enorme diversiteit aan vormen van school-maken en pedagogisch leven. Sommige onderwijsspecialisten zien hierin een nostalgisch verlangen van ons, als pedagogen, naar lang vervlogen (katholieke) tijden. Daar gaat het niet om.

Waar het om gaat is om opnieuw te durven inzetten op nieuwe vormen van school-maken. Het gaat vandaag misschien toch echt wel om meer dan effectiever doen wat we al doen. Dus niet louter het effectiever maken van het leren, maar andere dingen doen, dingen die jongeren terug aandachtig en nieuwsgierig maken, om de school voor zowel kinderen als leerkrachten interessant te maken. De school terug als een uitdagend vormingsmilieu dat meer en iets anders belooft en biedt dan (leer)winst.

Zoals voor alle leven geldt wellicht ook voor het school-leven dat de diversiteit van haar vormen (bio-diversiteit) tegelijk de levenskracht en de levengevende kracht van afzonderlijke vormen versterkt. En dat is misschien ook een reden om een grote diversiteit aan onderzoek en deskundigheid te erkennen, die precies een rijk schoolleven kan ondersteunen en mee vorm geven– rijk en boeiend, vormend.

Een school die op het moment dat kinderen er vertoeven interessant en leven-gevend is, en niet enkel omwille van de beloofde opbrengsten later.

Dit is trouwens iets dat we onze toekomstige pedagogen aan de universiteit willen bijbrengen. Deze studenten volgen de opleiding ‘pedagogische wetenschappen’ – dus in het meervoud. En degene die zich in onderwijsmaterie willen specialiseren in de master kiezen voor ‘onderwijs- en vormingswetenschappen’ – onderwijs én vorming dus op dezelfde hoogte.

We denken dat deze pedagogen wel degelijk kunnen bijdragen aan een zorgzame én effectieve organisatie van het lesgeven en het schoolleven. Niet door anderen – waaronder ook leerkrachten of directies – te kleineren of weg te zetten als ‘niet-wetenschappelijk’, maar door pedagogische (jawel) bedachtzaamheid die vertrekt van de daadwerkelijke erkenning van vele expertises en vele betrokkenheden. Een erkenning ook van het brede engagement voor deze specifieke vorm van leren én leven die we ‘school’ noemen en waar onze kinderen een groot deel van hun tijd doorbrengen.

Dat lijkt ons een gedeelde verantwoordelijkheid die weet dat het erg risicovol is om een groep specialisten te volgen die een dominant discours vertolkt.

Jan Masschelein en Maarten Simons zijn pedagogen aan de Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen van de KU Leuven.

 

 

 

link naar knack