2.16.2020

25 jaar De Centrale

Vijventwintig jaar De Centrale.

Luc Baeckeland vertelt:




Ook in De Gentenaar geeft hij toelichting:

Ooit was het een intercultureel ontmoetingscentrum. Wie vandaag naar De Centrale gaat, komt terecht op een boeiende plek die rijk is aan cultuur én diversiteit. Luc Baekeland, sinds 2006 coördinator van De Centrale, is blij met waar De Centrale nu staat. “We zijn traag maar gestaag gegroeid. En we zijn een referentie geworden, in de eerste plaats voor ons publiek”, vertelt hij.
“Als Duitse Turken ons over de landsgrenzen heen aanbevelen als een huis met een goede programmatie van Turkse muziek, doet dat natuurlijk deugd. Die Turkse muziek is al vijfentwintig jaar ons handelsmerk. Met Attila Bakiroglu hebben we daarvoor zelfs één iemand specifiek in dienst.”

Dealen met bevolkingsgroepen

“Daarnaast zijn we een referentie voor andere cultuurhuizen. Dat er altijd maar meer bevolkingsgroepen in Gent wonen, is iets waar élke organisatie tegenwoordig mee moet 'dealen'. En dan gebeurt het weleens dat we telefoon krijgen: We hebben hier een Afghaanse band geprogrammeerd en het loopt voor geen meter. Wat kunnen we doen? Dan zijn we blij dat we ­kunnen helpen.”

Dat de samenleving veranderd is, staat als een paal boven water. “In de beginjaren, rond 1995, waren de migranten in Gent vooral arbeiders uit Turkije of de Maghreb”, legt programmatiemedewerker Jos Lootens uit. “Ondertussen heeft meer dan de helft van alle kinderen die in Gent worden geboren, een migratieachtergrond en komen de groepen ook uit heel andere windhoeken. Zeker de groep Oost-Europeanen, Bulgaren en Slowaken, is enorm gegroeid, en nog recenter was er een grote toestroom van Sy­riërs. Daar spelen we op in. Zo hadden we in het eerste weekend van februari de klarinettist Ivo Papasov geprogrammeerd, een echte Bulgaarse legende waarmee we veel Bulgaarse Gentenaars echt konden aanspreken.”

“Pas op: we mogen niet de ambitie te hebben om voor elke bevolkingsgroep een reputatie te krijgen zoals voor Turkse muziek. Hét muziekcentrum voor Congolezen gaan we bijvoorbeeld nooit worden, want de meeste Congolezen wonen in Brussel en niet in Gent.”

Tijd nemen

Baekeland: “Onze reputatie is er niet zomaar gekomen. In deze job moet je voor een stuk straatloper zijn. Je moet de tijd nemen om nieuwe bevolkingsgroepen te leren kennen. Ook belangrijk: we trekken de diversiteit zo integraal mogelijk door in alles wat we doen. Zowel in het bestuur als in onze communicatie en de samenstelling van het personeel. Net doordat het thema onze hele organisatie door­desemt, hebben we expertise in iets waarmee andere organisaties maar onlangs in aanraking zijn gekomen.”

Bij het twintigjarige bestaan van De Centrale hoopte Luc Baekeland nog op de uitbouw van een sociaal restaurant aan de overkant van de straat. Met ENTR is dat er nu al meer dan drie jaar. “De catering voor de concerten is er dankzij ENTR een stuk comfortabeler op geworden, én het is een ideale opleidingsvloer voor mensen die in de horeca willen werken.”
“Dat de droom van vijf jaar geleden is uitgekomen, maakt dat we verder kunnen dromen voor de volgende vijf jaar. We zouden graag de aanpalende, leegstaande vleugel van de oude elektriciteitscentrale ombouwen. Extra vierkante meters die we goed kunnen gebruiken als repetitieruimte of als plek voor nieuwe initiatieven. Met de besparingen in de cultuursector blijven de uitdagingen hoe dan ook komen. Maar we zijn ten volle bereid om met heel ons hart én met een permanente alertheid te blijven aansluiten op de veranderende samenleving.”



Reden ten over om een feestje te bouwen.

Zoals gisterenavond met het geweldige Altin Gun:




2.14.2020

Friedrich Engels over liefdesverdriet

Ook op Valentijnsdag is er Friedrich Engels. Vandaag een overpeinzing over liefdesverdriet.





2.09.2020

't is die rook zei Vandeloock

Vandaag wordt Willem Vermandere tachtig jaar. Voor de gelegenheid, een streepje muziek. 







Voor de meezingers onder ons:

voilà c'est ça
't is uit zei Beschuyt
gedaan zei Balcaen
fini zei Dupuis
pourquoi zei Debra
'k ben moe zei Deboe
allez zei Dornez
'k hè vaak zei Jaak
'k en doe zei Devroe
ba nink zei Vinck
ba toet zei Cloet
'k ben 't beu zei Deleu
salu zei Sercu
bonjour zei Dufour
voilà zei Delva
c'est ça zei Tyteca

mijn broek zei Snoeck
mijn veste zie Vanneste
mijn schoen zei Calcoen
mijne plastron zei Dupont
'k ben nie goed zei Voet
'k ben ziek zei Degrieck
'k hè koud zei Ramoudt
'k ben flauw zei Dauw
mijne rugge zei Verbrugge
mijn mage zei Verhaeghe
mijn kele zei Verzele
mijnen buik zei Balduck
mijn neuze zei Degeuze
mijn ore zei d'Hoore
mijn oge zei d'Hoghe
mijn gat zei Schietecat

't is proper zei Destroper
't is vanpasse zei Vanassche
't kan er deure zei Verscheure
't is 't gedacht zei Deschacht
't is te vele zei Versteele
'k weet iets beters zei Peeters
z' is te dunne zei Debunne
z' is te vet zei Billiet
z' is te breed zei Vanreet
z' is te rond zei d'Hondt
z' is te bloot zei Poot
blijft er af zei Staf
gie n' ezel zei Dekesel
gie n' beer zei Valeer
gie n' uil zei Juul
gie n' kloot zei Kesteloot

't is mijn keppe zei Steppe
't is een trutte zei Delputte
een kalle zei Vandewalle
't is mijn lief zei Yves
't is een kloeke zei Broucke
een klinke zei Vincke
een tange zei Delanghe
z' is zot zei Verlodt
z' is wijs zei Seys
z' is preus zei Degeus
nen droom zei Doom
nen bijou zei Madou
'k ga naar huis zei Versluys
naar mijn kot zei Desodt
naar mijn kooie zei Verhooye
naar mijne nest zei Verkest

al die zever zei Dewever
dat krakeel zei Rosseel
dat gejank zei Verbanck
dat lawaai zei Vanderstaey
't is dat bier zei Casier
't is die rook zei Vandeloock
die gitare zei Simpelaere
die klarinet zei Desmedt
die trompette zei Cornette
dien tamboer zei Delcour
't is te late zei Verstraete
ie zingt vals zei Spitaels
tedju zei Becue
miljaar zei Gerard
verdomme zei Vantomme
't is 't een en 't andere zei Vermandere



De Vande Loock is de heeroom van mijn vader, pastoor in Steenkerke, het dorp (deelgemeente van Veurne) van Willem Vermandere.



2.04.2020

de verruwing van Thuis

Jan Van Rompaey schreef voor Het Nieuwsblad een lezenswaardige column over de vrt-successoap Thuis.

Een man dringt binnen bij een jonge vrouw en verschijnt abrupt in haar woonkamer. Ze schrikt hevig. Met een door woede vertrokken gelaat grijpt hij haar bij de keel en tilt haar als een veertje op. “Door u noemen ze me een vuile verkrachter!”, schreeuwt hij met overslaande stem. “Ik laat u pas los als ge de flikken vertelt dat ik u niet verkracht heb!”
“Fuck you!”, krijst ze terug. Ze huilt en krijgt een vuistslag in het gezicht. Ze bloedt, ze valt languit op de grond, hij grijpt haar bij de haren, sleept haar door de kamer, trekt haar recht, drukt haar tegen zich aan, roept: “Ge weet goed genoeg dat ik u niet verkracht heb. Fuck you, vuile teef!”


Ja zeg! Dat soort geweldsscènes werd niet eens zolang geleden in de bioscoop als “kinderen niet toegelaten” gelabeld. Alleen is dit geen ­bioscoopfilm, we kijken naar aflevering 4.760 van het Eén-programma Thuis, onlangs genomineerd door de “Gouden K's van Ketnet” voor de categorie Familieprogramma van het jaar. Want Thuis is een familieprogramma. Zo was het ook bedoeld: de eerste aflevering van de soap werd in 1995 uitgezonden in primetime, en dat is zo gebleven.
Wanneer ben ik beginnen te kijken? Ergens in de beginjaren. Er zat toen veel humor in. Het programma maakte algauw deel uit van het in lood gevatte avondblok van Eén. Vandaag, na een kwart eeuw, durf ik weleens een aflevering van Thuis over te slaan, maar als het kan, kijk ik.


En het programma staat er nog altijd, dat moet gezegd. Het wordt routineus, maar uiterst professioneel gemaakt door vakmensen. Het is in al die jaren terecht een monument geworden. Thuis hoort bij thuis, het is als staren in de open haard. Voor veel mensen zijn de personages als het ware familieleden.
Het moet een nachtmerrie zijn om overal herkend te worden als Frank, Marianne, Tom, Peter, Nancy, … Allemaal voortreffelijke acteurs, maar door de televisie zijn ze wel hun identiteit verloren, iets wat hen nog lang zal achtervolgen.
Maar is Thuis nog wel een familieprogramma? Ik heb begrip voor het feit dat de schrijvers mee willen gaan met de tijd en taboes niet uit de weg gaan. Maar met seks wordt omzichtiger omgesprongen dan met geweld. Seks speelt wel een rol, maar wordt toch nog enigszins verhuld. Er zijn geen expliciete seksscènes, maar wel expliciet geweld.

Er is op dat gebied een onmiskenbare evolutie aan de gang: de geweldsscènes zijn soms van een dusdanige brutaliteit dat ik me afvraag in hoeverre dit nog wel een familieprogramma is. Een uitzinnige zoon staat klaar om zijn moeder een vuistslag toe te dienen, die moeder is bedlegerig, pas geopereerd aan een hersentumor. We hadden al eens een puber die zijn moeder sloeg. Hoe kijkt een kind naar zo'n tafereel? Want als het een familieprogramma is, kijken er kinderen.
Ja, kinderen moeten tijdig vernemen hoe het leven in mekaar zit. Maar ik vind dat je hen nachtmerries moet besparen en dat ze dus afgeschermd moeten worden tegen extreem grof geweld. Er zit steeds minder humor en meer geweld in Thuis. En behalve de verhaallijnen is er ook nog de verruwing van de dialogen. Shit, fuck, klootzak, godverdomme, kutwijf, teef, kus ze,... Schuttingtaal is niet uit de lucht. Tot daar toe, het leven zoals het is. Moet alles kunnen? Jazeker, maar zend het programma dan later uit. Want ondanks alles: nergens beter dan thuis.