9.27.2026

Leo XIV op Werelddag van Migranten en Vluchtelingen

 


Boodschap van paus Leo ter gelegenheid van de 112de Werelddag van Migranten en Vluchtelingen


Zelfs als maar één van deze kinderen (vgl. Mt 18,10)


Beste broeders en zusters,


Elk jaar nodigt de Werelddag van Migranten en Vluchtelingen ons uit om aandacht te schenken aan verschillende aspecten van het complexe migratiefenomeen. Het thema voor de 112e Werelddag van Migranten en Vluchtelingen, ‘Zelfs als maar één van deze kinderen’, vestigt onze aandacht op minderjarigen die migreren en vluchten aan de lijve ondervinden, op de zorg die zij verdienen en op de belofte van de Heer: “Wie in mijn Naam één zo’n kind ontvangt, ontvangt Mij" (Mc 9,37).


Ontheemde minderjarigen: een complexe realiteit van kwetsbaarheid


Minderjarigen vormen de meest kwetsbare groep uit de wereldwijde migratiestromen. Het zijn concrete gezichten met unieke verhalen, die een beroep doen op ons geweten. Elk jaar worden miljoenen kinderen en jongeren gedwongen hun thuisland te verlaten omwille van oorlog, armoede, geweld, milieurampen en andere tragedies. Helaas blijft hun aantal groeien. De economische, politieke en militaire gevolgen zijn immens. Het lijden van migrantenkinderen eindigt niet met hun verplaatsing. Er zijn zeer jonge kinderen die hun  ouders, broers, zussen en vrienden hebben verloren en die onbeschrijflijke gewelddaden hebben meegemaakt. Anderen, die lange tijd van hun familie gescheiden zijn geweest, proberen zich met hen te herenigen terwijl ze de pijn van de scheiding voelen. Er zijn ook minderjarigen die de reis wel samen met hun ouders maken, maar toch worden blootgesteld aan extreme en traumatische omstandigheden. Tenslotte mogen we de tragische situatie van degenen die door repatriëring van hun ouders worden gescheiden, niet vergeten. Bovenop deze toch al verschrikkelijke situaties komen nog meer tragedies: doden langs migratieroutes, mensenhandel en uitbuiting, rekrutering van minderjarigen voor gewapende conflicten, seksueel geweld, gedwongen huwelijken en wreedheden die ze tijdens hun reizen ondergingen of waarvan zij getuige waren. Hun waardigheid wordt op talloze manieren miskend.
In zijn Boodschap voor de Werelddag van Migranten en Vluchtelingen 2017, met als thema ‘Kindermigranten, de kwetsbaren en de stemlozen’, herinnerde paus Franciscus eraan dat migrantenkinderen “op drie manieren weerloos zijn: ze zijn minderjarig, het zijn buitenlanders en ze hebben geen middelen om zichzelf te verweren. Ik vraag iedereen om hulp te bieden aan hen die, om verschillende redenen, gedwongen zijn ver van hun thuisland te leven en van hun familie gescheiden zijn."
 

Te midden van zoveel duisternis ontbreekt het licht van de solidariteit echter niet. 


Individuen, gezinnen, maatschappelijke instellingen en kerkelijke gemeenschappen kiezen ervoor om niet met een boog om hen heen te gaan (vgl. Lc 10,29-37). We denken aan de gezinnen die de deuren van hun huis openen om deze kinderen opnieuw de warmte van een huiselijke haard te bieden; aan de opvoeders die in opvangcentra werken; aan de vrijwilligers en hulpverleners die zich dagelijks inzetten om de onzichtbare wonden van deze kinderen langs migratieroutes en in onze steden te helen. Zij getuigen door hun inzet dat liefde onverschilligheid kan overwinnen.


Bij deze tragische realiteit gaan mijn gedachten uit naar de woorden van Jezus, die ons geweten diep raken: "En wie in mijn naam één zo’n kind ontvangt, die ontvangt Mij" (Mt18,5). Het gaat niet om aantallen of statistieken. Het Evangelie nodigt ons uit om niet te tellen: zelfs maar één. Elk kind, elk mens, bezit een oneindige waardigheid. 
Ieder is het evenbeeld van God, lijkt op Hem (vgl. Gen 1,26); ieder mens is een aanwezigheid van de Heer. We zijn geroepen om elk migrantenkind met een daad van menselijkheid en geloof tegemoet te treden, want zo kunnen we de Heer verwelkomen en ontmoeten. Deze oproep wordt nog dringender in het licht van een andere uitspraak van de Heer in het Evangelie van Mattheüs: "Ik was een vreemdeling en jullie namen Mij op" (Mt 25,35).
Helaas worden migrantenkinderen makkelijker over het hoofd gezien, omdat ze geen volwassenen hebben die hen kunnen beschermen en ondersteunen. Het is daarom nodig om in de landen van herkomst in te grijpen. De oorzaken die hen dwingen te vluchten, dienen we weg te nemen. Tegelijkertijd moeten we bescherming en een warm welkom bieden in de landen van doorreis en bestemming. De noodkreet van ontheemde kinderen stijgt vandaag de dag op tot God, net zoals de noodkreet in het boek Exodus: "Ik heb gezien hoe ellendig mijn volk er in Egypte aan toe is, Ik heb hun jammerklachten over hun onderdrukkers gehoord, Ik weet hoe ze lijden. Daarom ben Ik afgedaald om hen uit de macht van de Egyptenaren te bevrijden." (Ex 3,7-8). God hoort hun noodkreet. Om bevrijding te bewerkstelligen, doet hij een dringend beroep op het geweten en de daden van ieder van ons, net zoals hij dat bij Mozes deed. We kunnen niet onverschillig blijven of aan dergelijk lijden wennen.

Een oproep tot verantwoordelijkheid voor iedereen


Zelfs als ook maar één van deze kinderen ons persoonlijk aanspreekt, is het een oproep aan ons allen om onze ogen en ons hart te openen voor een aandachtig luisteren naar zijn of haar verhaal, angsten en dromen, om zo de afstandelijkheid te overwinnen die de mens reduceert tot een statistisch gegeven dat ons niet direct aangaat. Het is een uitnodiging om de waardigheid van elk kind te erkennen, nog voordat we de status van 'migrant' in ogenschouw nemen, en om zijn of haar fundamentele rechten te beschermen: het recht op leven, onderwijs en een levensstandaard die een volledige fysieke, mentale, spirituele, morele en sociale ontwikkeling mogelijk maakt. 

Zelfs als maar één van deze kinderen welkom is in het leven van de Kerk, verandert gastvrijheid van een abstract concept naar een volgehouden pastorale praktijk. We kunnen deze taak niet zomaar delegeren aan instellingen of verenigingen met een specifiek charisma. Geconfronteerd met echte gezichten die ons dagelijks uitdagen, wordt de hele christelijke gemeenschap opgeroepen om hen als haar eigen kinderen te beschouwen en zich te verdiepen in het concrete verhaal van ieder van hen. Christelijke gemeenschappen moeten worden aangemoedigd om de integratie van vluchtelingen en migranten te bevorderen en hen te waarderen als volwaardige leden van de kerkelijke familie. Dat kan door in te zetten op nieuwe educatieve en spirituele paden, inclusief gepersonaliseerde trajecten, die verder gaan dan louter hulpverlening. Het is met name essentieel om eenzaamheid, isolatie en afwijzing te voorkomen die niet zelden ook de kinderen van migranten treffen. Men moet daarnaast ook mogelijkheden creëren voor ontmoeting en integratie waarbij lokale jongeren en jonge migranten elkaar kunnen ondersteunen op een pad van wederzijds respect, solidariteit en vriendschap. 

Zelfs als maar één van deze kinderen, in de context van de verschillende religies, ons eraan herinnert dat kwetsbaarheid van jongeren geen religieuze grenzen kent, verenigt het ons in een gedeelde humanitaire en spirituele verantwoordelijkheid. Dit vormt een vruchtbare bodem voor een concrete interreligieuze dialoog, waarin gelovigen, puttend uit hun eigen gevoel van transcendentie, samenwerken om beschermingsnetwerken te weven. Geloofsgemeenschappen worden opgeroepen om ruimtes te creëren waarin elke jongen en elk meisje wordt gerespecteerd en gewaardeerd in zijn of haar eigen culturele identiteit, waardoor het risico op radicalisering door extremistische groeperingen wordt voorkomen. Uiteindelijk betekent het beschermen van een kind het beschermen van het goddelijke beeld dat in hem of haar is gegrift. 

Zelfs als maar één van deze kinderen ons raakt, roept het ons op om in de context van
maatschappelijke instellingen het principe van het belang van het kind opnieuw te bevestigen. Publieke en private instellingen zijn verplicht om de bescherming en waardigheid van elk kind en elke jongere prioriteit te geven. Dit vraagt de invoering van effectieve wettelijke beschermingsinstrumenten, de bevordering van gezinshereniging en de preventie van het trauma dat door scheiding wordt veroorzaakt. Een dringende verandering van perspectief is nodig. De focus van het debat moet verschuiven van het louter beheersen van migratie naar de volledige en onmiddellijke bescherming van mensenrechten, door middel van "een gecoördineerde, ondersteunende en effectieve respons, die in staat is om bescherming, een warm welkom en echte integratie-mogelijkheden te garanderen aan degenen die migreren" (Toespraak tot het Spaanse parlement , Madrid, 8 juni 2026). 

Laten we migranten- en vluchtelingenkinderen toevertrouwen aan de moederlijke bescherming van de Heilige Maagd Maria, die samen met de Heilige Jozef en het kindje Jezus de wreedheid van Herodes' geweld en de tragedie van de ballingschap in Egypte heeft meegemaakt (vgl. Mt 2,13-15). Moge zij hen begeleiden op hun pad en onze gemeenschappen helpen om levende en geloofwaardige tekenen van het Evangelie te worden.


LEO PP. XIV

Geen opmerkingen: