5.16.2026

"Geef scholen wat tijd en ruimte"

Terwijl ik een schrikbarend aantal jaarwerken van mijn zesdes aan het doorlezen bent, laat minister van onderwijs Demir weer een kleine bom los op het onderwijs. 

Leerlingen mogen niet meer vroeger naar huis gestuurd worden als de leerkracht afwezig is. Opnieuw een maatregel die absoluut niets te maken heeft met onderwijskwaliteit of "de lat" maar alles met een hele enge visie op onderwijs als babysit. 

Een leerkracht die afwezig is, door ziekte bv, die mag niet gewoon afwezig of zelfs niet gewoon ziek zijn. Eigenlijk wordt er verwacht dat je uitgebreide mails stuurt naar de administratie en naar het leerlingensecretariaat met alle details van je lessenrooster voor die dag. Daarna moet je, of wordt er toch zeer sterk van jou verwacht, moet je taken voorzien, vervangopdrachten. De leerlingen moeten die taak dan maken in de studie. Het laatste lesuur van de dag worden leerlingen niet meer verwacht in de studiezaal, maar worden ze naar huis gestuurd. De vervangopdrachten krijgen ze dan meer als huiswerk. 

Zeg mij eens wat is de meerwaarde om leerlingen tot 16u15 in de studiezaal te laten zitten? Worden ze daar slimmer door? Krijgen ze daar meer kennis door? 

 

Ik plak hieronder het uitstekende opiniestuk van Bruno Vanobbergen, hoofd van Katholiek Onderwijs Vlaanderen. 

 

Geef scholen wat tijd en ruimte

 

We zitten in de laatste bocht van het schooljaar. In elke school stijgt dan de druk: examens, deliberaties, oudercontacten, studiekeuzes. Tegelijk leggen directie- en beleidsteams al de puzzel voor volgend jaar. Ze doen dat met toewijding, omdat het over leerlingen gaat en hun toekomst. Maar vandaag wordt die opdracht onnodig zwaar: nieuwe verwachtingen en besparingen volgen elkaar zo snel op dat scholen het niet meer kunnen verwerken zonder verlies aan rust, kwaliteit en werkbaarheid.

Terwijl scholen afronden, moeten ze tegelijk vooruit: personeel vastleggen, roosters bouwen, ondersteuning organiseren, afspraken maken met ouders en partners. Net dan besliste de Vlaamse regering maatregelen te nemen die een grote impact hebben op de dagelijkse schoolorganisatie. Er kwamen ook besparingen bij. Wie meer kwaliteit vraagt met minder draagkracht, moet extra zorgvuldig zijn met timing, randvoorwaarden en uitvoerbaarheid.

Wie vandaag een school leidt, ziet een groeiende actielijst die tegelijk moet landen: minimumdoelen en professionalisering rond effectieve didactiek in het basisonderwijs; inspiratiescholen die vanaf september mee het kennisrijk curriculum moeten trekken; ‘Goed Gedragen’ in het secundair, met gedragsexperten; en een versterkt taalbeleid. Elk initiatief is op zichzelf zinvol. Samen vormen ze een stapel die je niet wegwerkt met goede wil, maar met tijd, duidelijkheid en gerichte ondersteuning.

Onze directies zijn kwaad, vooral omdat ze zich niet ernstig genomen voelen in een opdracht die almaar complexer wordt. De opeenstapeling van beslissingen en besparingen creĆ«ert onrust en onzekerheid. Een school is een raderwerk: roosters, zorg, begeleiding, evaluatie, overleg, administratie, samenwerking met externen. Als je daar tegelijk nieuwe trajecten bovenop legt, stokt de voorbereiding voor volgend jaar. Directies zeggen: “We krijgen het niet meer rond.” De gevolgen zijn concreet: het raakt organisatorisch niet meer georganiseerd, de kwaliteit lijdt onder de haast en door jobverlies komt ook het sociaal weefsel van teams onder druk.

We staan voor noodzakelijke veranderingen in het Vlaamse onderwijs. Geef scholen de tijd om een stevig fundament te leggen. Onze hand blijft uitgestoken: maak samen met het werkveld scherpe keuzes over wat nu kan en wat beter doorschuift naar volgend schooljaar. Verbind ambitie aan haalbaarheid. Geef scholen zuurstof om kwaliteit waar te maken. Voor leerlingen, schoolteams en de toekomst van ons onderwijs.
 

Geen opmerkingen: