Hier blogt uw Kameraad Harko, kwestie van iedereen die het ook maar vaag zou kunnen interesseren op de hoogte te houden.
Uw kameraad blogt over de zaken die hem interesseren, zoals (religieus) erfgoed, geschiedenis, maar ook de betere muziek!
21 februari 1848 publiceerden Karl Marx en Friedrich Engels het Communistisch Manifest. Vandaag herdacht met Red Book Day. Speciaal voor die gelegenheid Zwarthemden en Roden, een excellent werk van de recent overleden Michael Parenti (1933 - 2026).
In Zwarthemden en Roden maakte Parenti o.m. een zeer interessante bilan van het
'reëel bestaande socialisme' in het voormalige Oostblok. Michael Parenti
is geen afstandelijke, "neutrale" onderzoeker, maar een geëngageerde
Marxist. Het werk is trouwens met grote korting te verkrijgen bij Uitgeverij EPO.
Raoul Hedebouw, voorzitter van de PVDA en parlementslid, gaf deze week een vlammende toespraak over de graaicultuur. Een Marxistische analyse van de verwevenheid tussen de economische en politieke elite.
Op deze 14 juillet een hulde voor de Franse revolutionairen. En extra aandacht voor Jean-Paul Marat, geschreven door de onvolprezen Ludo Martens.
Marx en Engels staken hun bewondering voor de grote leiders van de Franse Revolutie
niet onder stoelen of banken. Engels inspireerde zich op Marat, die "de
sluier afgerukt heeft" van alle opportunisten van de burgerij "en
hen ontmaskerd heeft als volslagen verraders van de revolutie". En bewonderend
gaat Engels verder: "Net als wij beschouwde Marat de revolutie niet als
af, maar als een permanente opdracht." En Engels trok van leer tegen
"de hysterische razernij en alle historische vervalsingen, die er toe geleid
hebben dat men alleen een totaal vervormde Marat kende." Vervang het woord
Marat door Stalin en je zit midden in de hete discussies van vandaag.
In veel van zijn revolutionaire ideeën weet Marat instinctief het
burgerlijk kader waarin hij gevangen zit, te overstijgen. Ook vandaag nog spreken
de ideeën van Marat de revolutionairen aan die tegen een hoog ontwikkeld
kapitalisme strijden.
Marat begrijpt dat alleen de werkende massa's en vooral de arbeiders consequent
revolutionair kunnen zijn. "De revolutie werd alleen gevoerd en gesteund
door de laagste maatschappelijke klassen, door de arbeiders, ambachtslui, de
kleine handelaars, de boeren, het plebs, door die onfortuinlijken, die de schaamteloze
rijkdom het canaille noemt."
Marat begrijpt de noodzaak van de revolutionaire dictatuur voor het verslaan
van de uitbuitersklassen. Hij legt uit dat de klassen die al tien eeuwen heersen,
na een eerste nederlaag kost wat kost op wraak zinnen. "Wij zijn in staat
van oorlog. Het welzijn van het volk is de hoogste wet. Alle middelen die efficiënt
zijn, zijn goed om zich te ontdoen van de verderfelijke vijanden, die blijven
samenzweren tegen het openbaar welzijn. (...) Als onze tirannen van hun eerste
schrik bekomen zijn, zullen ze het samenzweren tegen de ontluikende vrijheid
niet opgeven. Het is je reinste waanzin te beweren dat mensen, die ons al tien
eeuwen beteugelen, plunderen en straffeloos onderdrukken, zich uit vrije wil
zullen neerleggen bij het feit dat ze maar onze gelijken zijn. Ze zullen eeuwig
tegen ons manoeuvreren, tot ze uitgeroeid zijn. Als wij niet op die manier te
werk gaan (...) zullen we niet kunnen ontsnappen aan de burgeroorlog en zullen
we uiteindelijk zelf uitgemoord worden."
Marat walgt van de historici in dienst van de onderdrukkers. Die smukken
de barbaarste daden van de onderdrukkers op en minachten en belasteren hen die
strijden voor de bevrijding van de onderdrukte klassen: "De geschiedschrijvers
zijn door vrees bevangen en gecorrumpeerd door geldzucht. Ze doen ons niet gruwen
van de tirannie. Ze hemelen altijd de handelswijze van de prinsen op, hoe funest
die ook moge zijn voor de vrijheid. Ze prijzen criminele daden de hemel in,
terwijl die de ergste straf verdienen. Altijd behandelen ze de volkeren als
opstandige slaven die opnieuw in de ketens moeten gedwongen worden. De edelmoedige
inspanningen tegen de tirannie bestempelen ze als misdadige rebellie. Ze verdraaien
de bedoelingen van de beste patriotten, bekladden hun reputatie, maken hun leven
zwart, brandmerken hun herinnering, in plaats van eer te betuigen aan hun deugd."
Vandaag hemelen de ideologen van de gevestigde orde nog steeds "de funeste
handelswijze en de criminele daden van de prinsen" op: van de contrarevolutie
in de Sovjet-Unie tot de oorlog en het embargo tegen Irak, van de militaire
bezetting van de Balkan tot de genocide in Rwanda. En wat Lenin, Stalin en andere
Che Guevara's betreft: alle reactionairen blijven "hun bedoelingen verdraaien,
hun reputatie bekladden, hun leven onteren en hun herinnering brandmerken".
In de vorige eeuw gaf een Franse priester een vulgariserend werkje uit
ter ere van de contrarevolutie. Hij noemde Marat, Robespierre, Saint-Just en
alle Montagnards "terroristen". Als priester Pioget zijn haat spuwt
tegen de Franse Revolutie, is het net of men onze burgerij bezig hoort over
Stalin: anarchie, terreur, bloedig regime, een miljoen doden - alle ingrediënten
zijn aanwezig! "De standbeelden van onze Koningen worden in gruizelementen
gekapt en voortaan heerst in Parijs en in heel Frankrijk het bloedig regime
van de anarchie, dat terecht het rijk van de Terreur genoemd wordt." "Een
afgevaardigde roept Robespierre toe: ‘Ongelukkige, gij stikt in het bloed
van Danton!’ Hij had beter gezegd: ‘Het bloed van een miljoen slachtoffers’,
dat is veel dichter bij de waarheid."
uit: Het Manifest, 15 jaar jong in een geschiedenis die meet met eeuwen, Marxistische Studies, 41, 1998.
Kameraden en vrienden, vandaag brengen we een zeer horenswaardig interview met Italiaans Marxist Domenico Losurdo. Hij spreekt over zijn nieuwste boek, Liberalism: a counter history, over emancipatie, burgerrechten en vrijheden.
Het linkse weekblad Solidair brengt deze week o.a. een korte samenvatting van gangbare verklaringen voor de economische crisis:
De liberale visie: Voor de liberalen wordt de crisis veroorzaakt door een element van buiten het systeem, van buiten de markt. Vaak is dat een verkeerde interventie van de overheid. Voor Milton Friedman, een van de aanhangers van die aanpak is het de monetaire politiek van de Centrale Bank. Ofwel geeft ze te veel geld uit en veroorzaakt ze inflatie, ofwel te weinig en verstikt zij de banken en dus de economie.
Deze opvatting overheerst in de VS en in Europa. Men wil er de liquiditeiten correct beheren. Maar dat lost het probleem niet ten gronde op.
Men denkt dat de markt zichzelf zal reguleren en geeft ze daarvoor de tijd. Maar het gebeurt niet. En ondertussen groeien de schulden, en die wil men terug betalen door bezuinigingsplannen, die op hun beurt de vraag vernietigen.
De keynesiaanse visie: Voor de keynesianen is de crisis vooral te wijten aan de financiële wereld en de excessen van het kapitalisme, maar niet aan de fundamentele werking ervan. Die aanpak zegt dat er een herstelbeleid moet zijn, met grote werken die banen scheppen, wat de gezinnen toelaat inkomsten te hebben, te consumeren, en dus de economische machine te herlanceren.
Het probleem is dat in er in de geschiedenis geen voorbeeld is van een herstel dat werkelijk is gelukt op basis van dat beleid. Men kan dus niet met zekerheid zeggen dat keynesiaanse maatregelen het herstel zullen verzekeren. Wat daarentegen wel zeker is, is dat ze de overheidsschuld zullen vergroten, wat riskeert niets op te lossen.
De marxistische visie: Voor de marxisten ligt het probleem in het systeem zelf. Het is de werking van het kapitalisme zelf die crisissen veroorzaakt, en die leidt tot dergelijke diepe crisissen. Het is de marxistische analyse die toelaat de diepe oorzaken van de crisis van overproductie te begrijpen. Indien men uit die crisissen wil geraken, is er maar een oplossing: je moet uit het systeem stappen.
9 november, exact 20 jaar geleden dat de beruchte Berlijnse Muur viel en daarmee was het begin van het einde voor het gevreesde Oostblok. Het communisme en alle aanverwante linkse en socialistische ideologien werden dood en begraven verklaard. Het Einde van de Geschiedenis, zo werd verklaard door Fukuyama. Het neoliberalisme vierde hoogtijden, de VS werden de enige supermacht,... met alle gevolgen van dien. De wereldwijde crisis heeft echter een andere wind doen blazen. Het werd terug bon ton om over de problemen van het kapitalisme te spreken en Marx weer bovengehaald.
Vorige week werden de resultaten gepubliceerd van een bevraging gehouden door het Pew Research Center in het voormalige Oostblok naar de populariteit van het kapitalisme. En ik moet zeggen, het ziet er niet goed uit voor de apologeten van die economische systeem. Maar liefst 34% van de Hongaren en 26% van de Litouwen kant zich tegen de invoering van de zogenaamde 'vrije markteconomie'. Slechts 36% van de Oekrainers vind dat dit een goeie zaak was. Slechts 47% van de Polen en 45% van de Tsjechen vond dat de economische situatie vandaag beter was dan toen. De voormalige inwoners van de Duits Democratische Republiek kijken vooral met gemengde doch positieve gevoelen terug. 49% vind dat er problemen waren, maar dat het globaal gezien goed hadden in de DDR. 8% vond het leven gewoonweg beter in de DDR.
De Standaard bracht vorige week ook een uitgebreid interview met voormalig president Egon Krenz. Daarin doet de man enkele treffende uitspraken.
'Het onderwijs bijvoorbeeld. De kinderopvang, de gezondheidszorg. Waar ik me aan erger is dat het leven van DDR-burgers op de vuilnisbelt van de geschiedenis wordt gegooid. Velen herinneren zich de DDR heel anders dan de “onrechtsstaat, waarover ze nu zo veel horen en lezen. Ik spreek mensen die zeggen: het was een tijd van geborgenheid; een periode waarin we een baan hadden en de kinderen naar de crèche konden als de ouders gingen werken. Dat is geen Ostalgie, dat zijn de feiten. Ik heb zelf altijd graag in de DDR gewoond.'
'Mijn falen bestaat uit het niet in actie komen toen dat nodig was. We hadden geen antwoord op de vragen en de eisen die de burgers ons stelden. In de leiding heerste sprakeloosheid. Ik zag te laat in dat de DDR haar ondergang tegemoet ging en heb te lang geloofd dat we het land en het socialisme konden vernieuwen. Het verlies van de republiek was mijn nederlaag.'
'In het oosten van Duitsland zijn goede dingen gebeurd. De infrastructuur is erop vooruit gegaan, de stadscentra zijn gerenoveerd. Maar mijn vraag is: tegen welke prijs is die vooruitgang gerealiseerd? Veel huizen staan leeg. Hele streken raken ontvolkt, de leegloop is groot. De huurprijzen zijn onbetaalbaar voor mensen met een laag inkomen. De pensioenen zijn in het oosten lager dan in het westen. En dan die werkloosheid. Vrijheid zonder werk is geen echte vrijheid. Duitsland is sociaal en mentaal nog steeds een gespleten land.'
'Het kapitalisme is wat mij betreft nooit het antwoord geweest. Dat heeft de kredietcrisis nog eens overtuigend aangetoond. Ik put hoop uit het feit dat er tegenwoordig weer zoveel belangstelling is voor de werken van Karl Marx.'
Wie meer wil weten over de oorzaken van de val van de muur vanuit een progressief standpunt kan ik vooral dit boek aanraden: