Posts tonen met het label Ferre Wyckmans. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ferre Wyckmans. Alle posts tonen

7.25.2013

Hoe durven ze?!

Vandaag beste vrienden een debat, in het NTG, vanaf 14u, over de essentie, een debat over Europa, besparingsobsessies, Griekse, Spaanse en Portugese proefkonijnen, werkloosheid, de oorlog tegen de vakbonden, de “modernisering” van de arbeidsmarkt, privatiseringen, afbouw van sociale verworvenheden, de come-back van de bankiers, ...

 “Alles onder de hemel verkeert in opperste chaos; de situatie is uitstekend

met Peter Mertens, Stephen Bouquin, Ferre Wyckmans, Jan Blommaert, Maite Morren, Tom Ronse en Chris Renier.


2.03.2013

Werknemers verdienen beter!


De Christelijke bediendenvakbond, LBC-NVK lanceert een nieuwe campagne, onder de slogan, 'Werknemers verdienen beter'. Een belangrijk onderwerp, en een interessante campagne, meer dan redenen genoeg om hier op deze fraaie zondag wat aandacht aan te besteden.
We laten het uitleggen door Ferre Wyckmans, algemeen secretaris:


“Het zijn harde tijden”, hoor je vaak. Maar de toestand is lang niet even hard voor iedereen. De vakbond ziet dat de tijden vooral moeilijk zijn voor diegenen die het hard te verduren krijgen omdat de verdeling van de welvaart en het geluk niet wordt bijgestuurd.
Maar het verhaal van de ‘harde tijden’ wordt misbruikt als alibi om zogezegd iedereen zijn of haar steentje te laten bijdragen. De steentjes of stenen die door iedereen worden bijgedragen verschillen wel aanzienlijk in gewicht én volume. En het is zeker niet zo dat de zwaarste stenen worden bijgedragen door wie dat het beste zou kunnen, écht niet. Dat was in het recentere en verdere verleden niet zo. En dat zal bij de uitvoering van de regeringsbeslissingen weer niet anders zijn.
De bankencrisis en de economische crisis die daarop volgde ontketende een tsunami van besparingsmaatregelen. Nationale regeringen trachten elkaar de loef af te steken en zo stoer mogelijk uit de hoek te komen. Allemaal willen ze een goed Europees rapport of een bemoedigende schouderklop van mevrouw Lagarde van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) of een fraaie aanmoediging van de OESO. Besparen is in die kringen het toverwoord en minder werknemersrechten het onuitgesproken, maar erg tastbare en pijnlijke doel. Dat alles wordt steevast verpakt in die vermaledijde redenering dat we ‘even wat minder’ moeten doen om daarna ‘flink veel meer’ te krijgen. Het verhaal van ‘het einde van de tunnel’ dat we ondertussen spuugzat zijn. Omdat het gaat over leugens die oneerlijkheid en onrechtvaardigheid moeten verdoezelen.

6.08.2012

vakbondsbashing en 'illusoire koopkracht'

Ferre Wyckmans, algemeen secretaris van de bediendencentrale van het ACV, publiceerde in het nieuwste nummer van Ons Recht enkele zeer rake opmerkingen:

Het leek erop alsof we alles hadden gehad, maar sommige werkgeversvertegenwoordigers en politici wisten ons uitgerekend op Rerum Novarum nog te verrassen met spitante antivakbondsuitspraken. De prijskamp voor de twee strafste uithalen naar de vakbond is bijna geëindigd op een ex-aequo. Maar de eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat er bij nader inzien toch nog een winnaar is aan te duiden. Zelfs zonder fotofinish.

Op een erg verdienstelijke tweede plaats – derde plaatsen delen we niet uit, we gaan alleen voor het zuivere edelmetaal – eindigde Alexander De Croo, de voorzitter van Open VLD. Zijn partij slofte sinds de jongste verkiezingen van de ene sukkelstraat in de andere en afgaande op de opiniepeilingen zijn de onweerswolken nog niet weg boven de Gentse Melsenstraat.

Het feit dat ACV-voorzitter Marc Leemans en ACW-voorzitter Patrick Develtere ter gelegenheid van Rerum Novarum nog maar eens duidelijk het puntje op de i van index zetten kon niet zonder reactie van De Croo blijven. De Croo jr. vond het ‘een goede zaak dat er eens iemand anders de indexdiscussie op de agenda plaatste’. Ook als stand-upcomedian gooit deze partijvoorzitter geen hoge ogen. Met de index lachen we niet. Slechte quote en flauwe grap dus.

Maar de meest forse indexsprong staat op naam van Caroline Ven en Geert Janssens van het ondernemersplatform VKW. Zij verklaarden in De Morgen dat de christelijke arbeidersbeweging de echte geest van Rerum Novarum (‘Over nieuwe dingen’) niet begreep en zelfs verraadde. Hola zeker ?! Leo XIII legde in zijn encycliek inderdaad ook de klemtoon op ‘samenwerking’ tussen werkgevers en werknemers. Maar hij was vooral bezorgd over de verbetering van de rechten van werknemers.

Potsierlijk

De argumentatie van de twee VKW’ers is even potsierlijk als onjuist. Vermits het IMF, de Nationale Bank en de Europese Commissie de automatische loonindexering een ongezond idee vinden is het niet verstandig om het tegenovergestelde te beweren, zeggen ze. Verder noemen ze de indexering ‘asociaal’ omdat de index zou neerkomen op ‘illusoire koopkracht’. Illusoir? Hier volg ik niet meer, mijn verstand heeft blijkbaar zijn limieten.

Ongehoord toch dat werkgeversorganisaties denken de erfenis en de interpretatie van Rerum Novarum te kunnen claimen. Onze erfenis is niet beschikbaar. En onze index ook niet.

3.01.2012

LBC over onze index

Kameraden en vrienden, we gaan het vandaag andermaal hebben over de index. Ferre Wyckmans, van LBC, heeft een stevig opiniestuk neergepend, dat wij dus integraal rimpen:


In Griekenland heeft de sanering een pijnlijk dieptepunt bereikt. De komende jaren dreigen weinig perspectief te leveren voor de gemiddelde Griek. In Spanje worden de beschermende regels van de arbeidsovereenkomsten terzijde geschoven. Langere werktijden en vlugger, goedkoper en makkelijker ontslaan van werknemers is het nieuwe wonderrecept. Bij ons worden de werkloosheidsuitkeringen verminderd en staat de automatische indexering van de lonen pertinent ter discussie. De idee van een ethische minimum-belasting voor vennootschappen wordt als ‘dommemanspraat’ meteen gekelderd. Het bekoren van de economische krachten is de leidraad geworden van alle politieke uitspraken en daden. Dat werknemersrechten daarvoor sneuvelen is allemaal in de prijs inbegrepen.
Wie het waagt om daar enige nuance bij te plaatsen, wie durft om het begrip “verworven sociale rechten” te hanteren is een onverlaat, die onverantwoordelijkheid met ouderwetsheid combineert. Verworven sociale rechten zijn uit den boze, verworven fiscale werkgeversrechten daarentegen zijn heilig en onaantastbaar.
De hardnekkigheid waarmee de automatische index wordt bekampt, is symptomatisch. Het afschaffen is dan zogenaamd niet aan de orde. Het beperken, uitstellen, overslaan, herzien, creatief aanpassen enz. is dat echter des te meer. In elk van die gevallen is een ingreep aan de index een koopkrachtverlies voor de werknemers. Maar een niet of slechts gedeeltelijke indexering betekent – we spreken voor de privésector – ook minder inkomsten voor de overheid (belastingen op een niet gestegen loon) en de sociale zekerheid. Slechts één winnaar in dit verhaal: de werkgevers.
Het niet indexeren van lonen betekent dat die lonen niet worden aangepast aan de levensduurte en dat dat deel in de onderneming blijft. In de meeste ondernemingen zal dit dus bij de winst komen en dus de aandeelhouders ten goede komen. Op die basisredenering hebben we van de voorstanders van de indexingrepen nog geen aanzet tot het futielste antwoord gelezen.
Zij houden het erbij dat wat goed is voor de ondernemingswinst, ook goed is voor de jobcreatie. Daar kunnen de werknemers bij Arcelor Mital en bij Inbev u fraaie ervaringen van uit de doeken doen.
Het is niet zo dat bedrijfswinsten automatisch leiden tot behoud of toename van tewerkstelling. Daarom luidt onze stelling onverkort en krachtig: werknemers hoeven geen koopkracht in te leveren om de winsten van bedrijven te doen toenemen en om aandeelhouders te plezieren. Dit is geen ouderwetse vakbondspraat, het is de kern van het verdelingsvraagstuk.

Het behoud van de index is dus geen symbooldossier, het is een reëel dossier dat gaat over het behoud van koopkracht voor wie werkt. De indexdiscussie reduceren tot iets symbolisch maakt een karikatuur van de werkelijkheid. Die symboolaanpak is een welbewuste strategie om het af te doen als iets ouderwets, niet meer van deze tijd... zoals vakbonden ook in die ouderwetse hoek moeten geduwd worden. We zouden niet bezig zijn met wat er echt schort of leeft. We zouden de band met de realiteit verloren hebben en al helemaal de voeling met de werkvloer.
Dat onze communicatie verbeterd kan en moet worden, dat we inzake verdere analyse van strategie en werking zullen moeten vernieuwen, dat we nog meer zullen moeten luisteren en het gesprek aangaan,... allemaal vierkantig waar. Maar qua representativiteit durven we nog wel een boompje opzetten en zullen we de lessen van onze leden en militanten zeer ter harte blijven nemen. Als cijfers iets betekenen dan toch deze bemerking.

In Vlaanderen hebben alle politieke partijen samen zo’n 235.000 leden. LBC-NVK heeft in Vlaanderen en Brussel 320.000 leden. We willen bescheiden blijven... er zijn immers nog meer mensen niet dan wel aan¬gesloten, maar ons in de hoek van de aftandse clubjes steken, ho maar!

11.08.2011

Snoeien om te groeien?

Ferre Wyckmans, van de Landelijke BediendenCentrale, stelt zich heel wat vragen bij het discours van de laatste tijd.
'we moeten snoeien om te groeien', 'we moeten af van de taboes', 'de index tast onze concurrentiepositie aan', en ga zo maar door. Allemaal neoliberale dooddoeners die geen aanvaardbare basis zijn voor een verstandig en doordacht sociaal beleid.

We nemen het hier bijna integraal over:

“We zullen het allemaal voelen”, is de dooddoener die politici uitspreken om in te hakken op verworvenheden die het resultaat zijn van meer dan 125 jaar sociale geschiedenis. Als politici verkondigen dat we ‘af moeten van de taboes’, weten we maar al te goed dat ze het vooral over sociale taboes hebben. Andere taboes blijven moeiteloos overeind: de vraag naar een rechtvaardig geïnde vennootschapsbelasting, de roep om de afschaffing van de notionele intrestaftrek, het pleidooi voor een belasting op grote vermogens. Aan die taboes mag blijkbaar niet worden getornd.

Het debat over de werkloosheid kan je niet reduceren tot een louter statistisch discours. Werkloosheid is geen comfortabele fauteuil waarin luieriken zich nestelen. Het is een harde bank, net zoals veel jobs onaanvaardbaar hard zijn. Slechtbetaalde banen, met werkomstandigheden die niet meer van deze tijd zijn, vormen geen goed alternatief. De maatschappij en de politieke klasse moeten interesse tonen om de werkomstandigheden, dus ook de lonen, aan te passen. Heeft het enige maatschappelijke meerwaarde om werklozen te viseren en in hun uitkeringen te snoeien zodat ze letterlijk uit armoede een haast even armoedige baan moeten aannemen?

Natuurlijk niet.

Meer armoede

De spaarquote in ons land zit in de lift. In de mondiale statistieken spannen de Belgen de kroon als het over spaargeld gaat. Wel te verstaan: de gemiddelde Belg. Tegelijkertijd geven àlle, ik herhaal àlle, Vlaamse, Belgische, Brusselse en Europese studies, aan dat de armoede in ons land toeneemt. Er zit dus flink wat fout.
Nu al is er een gigantisch verschil tussen wat echte rijken aan inkomens en vermogens hebben en de situatie van de Belgische middenmoot. De verschillen tussen wie bovenaan de inkomensladder staat en het toenemende aantal onderaan nemen hallucinante proporties aan. Zo’n probleem los je niet op door de laagste inkomens van werkenden of werklozen onderling anders te verdelen onder het mom van de solidariteit.
Nog maar eens wordt de index onder druk gezet omdat die de concurrentiekracht van onze economie zou aantasten. De tegenstanders van de index willen niet horen dat het mechanisme juist bewerkstelligde dat mensen hun koopkracht behielden. Zonder index zouden alle werkenden en alle sociaal verzekerden hun koopkracht zien achteruitgaan. Durft er iemand met politieke verantwoordelijkheid dat zo letterlijk, oog in oog met een kiezer, te vertellen? Wie de index afschaft, zit in de zakken van alle werknemers.
Snoeien om te groeien is in de landbouw misschien een goed principe. Maar op sociaal gebied is deze methode absoluut te mijden.

Duitsland

Vergelijken met wat er rondom ons gebeurt, lijkt misschien de redelijkheid zelve. Maar dat is niet zo. In Duitsland verminderde de reële koopkracht, lees: werknemers gingen daar minder verdienen. Vergelijken met Duitsland betekent in wezen dat je pleit voor lagere lonen om de concurrentiekracht te ondersteunen. De vakbonden vinden zoiets een heilloze weg. Zij weten gelukkig beter en beseffen dat het onverstandig zou zijn om de Duitsers blindelings achterna te lopen.
Alles wat er aan sociale verworvenheden bestaat voor werknemers en sociale uitkeringstrekkers is er gekomen omdat de vakbonden overtuigende argumenten uitspeelden en strijd leverden. Dit is ons erfgoed dat we samen delen. Wie een aanslag pleegt op die verworvenheden, tast onze eigenheid aan. Geen sprake van dus!

10.06.2011

Iedereen Duitser?

Kameraden en vrienden, Europa bepaald steeds meer de socio-economische politiek van ons land. Alle landen worden 'verplicht' op haar spelregels te volgen, de lonen onder druk te zetten, de index af te bouwen en de werknemers langer aan het werk te houden, of dat nu gaat of niet.
Iedereen wordt rond de oren geslagen met het 'Duitse Model'.



Ferre Wyckmans, algemeen-secretaris van de Christelijke Bediendecentrale, LBC, ging op een studiedag van LBC 'Iedereen Duitser' dieper in op dat 'Duitse Model'.


Uit alles valt te leren. Wat goed is kan tot voorbeeld strekken. Wat fout is kan ons behoeden voor herhaling. Er zijn steeds lessen te trekken.
Ik wil een poging doen. 5 lessen op 15 minuten, dat is 3 minuten per les of bijna gratis, het lijkt haast een Duits uurloon.

Les 1: Hoed U voor mooipraters die in Uw belang het beste met U en Uw kinderen voor hebben.

'We moeten nu echt saneren, want we willen die kosten niet nog eens doorschuiven naar de volgende generatie. Onze generatie moet haar verantwoordelijkheid nemen', dat zei Marianne Thyssen van de EVP recent in het Europees Parlement. Vandaag wist Open-VLD politica Gwendolin Rutten te stellen dat Europa eindelijk bewijst aan de toekomst te denken. Zij werd vanmorgen wakker in een nieuwe Europese federatie. Haar kirrend geluk kon niet op. Dat alles naar aanleiding van de goedkeuring van het zgn. ‘sixpack’.
Een rist maatregelen die de budgettaire orthodoxie van de Europese staatshuishoudens tot absoluut dogma heeft verheven. Daartoe heeft het Europees Parlement zichzelf grandioos buitenspel gezet en een technocratische staatsgreep van de Raad Economische en Financiële Zaken (Ecofin) gelegitimeerd. Het is zoeken naar enige sociale referentie of zelfs het woord ‘sociaal’ in deze teksten. Gezonde overheidsfinanciën of budgettaire disciplinering: goed voor de burgers en goed voor de werknemers? Als voortaan de nationale begrotingen het imprimatur van Europese instanties behoeven, wil dat zeggen dat de loonkostevolutie als belangrijke Europese toets wordt ingevoerd. We weten ondertussen wat de Belgische loonnorm heeft opgeleverd. Als voortaan de Duitse loonevolutie de norm wordt zijn we echt nog niet thuis. Die zogenaamde aandacht van Marianne Thyssen en anderen voor het belang van de toekomst is dus vrezen wij vooral aandacht voor het eenzijdige belang van en voor de economische sterkhouders. Geen belangstelling voor het verdelingsvraagstuk. Les 1 dus: we hoeden ons voor mooipraterij en economische peptalk.

Les 2 : Werknemersrechten zijn nooit gegarandeerd. Werknemersrechten worden niet op een schoteltje geserveerd en al zeker niet op een Europees dienblad.

Eén van de aanbevelingen van de Europese Raad voor België in het kader van het stabiliteitsprogramma luidt als volgt: “het systeem van loononderhandelingen en het loonindexeringsysteem hervormen, teneinde ervoor te zorgen dat de loonstijging beter aansluit bij de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit en het concurrentievermogen”. Codetaal om loonblokkering zoal geen koopkrachtingrepen door te voeren. Het inkomen uit arbeid als doel op zich is geen aandacht waard.
Onze index kent weliswaar nu nog het predicaat “automatisch”, maar het betekent niet dat het ook automatisch aan iedereen wordt toegekend. Er is de onophoudelijke druk van instanties als het IMF, de OESO, de ECB, de NBB en de Belgische en niet te vergeten Vlaamse werkgevers… die het automatische en de index liefst meteen afgeschaft zien. Voorlopig weten we dat met succes te counteren. Of toch niet?
Maar het verwerven die loonindexering, is overigens nog niet overal een feit. In het Paritair Comité ‘vrije beroepen’ met 23.700 bedienden en 1.100 arbeiders weigeren Unizo en VBO een akkoord te sluiten over een loonindexering. Dat geldt ook voor het Aanvullend Paritair comité voor de arbeiders dat 26.500 arbeiders telt. In het Paritair Comité sociaal secretariaten en het aanvullend paritair comiténon-profit organisaties die volgend jaar van start gaan, zullen de werkgevers eenzelfde standpunt innemen. Hier zijn ongeveer 40.000 bedienden mee gemoeid. 100.000 werknemers zonder indexgarantie, laat staan van enig automatisme.
Wat we hebben staat dus onder druk, wat we nog niet hebben krijgen we niet met de vingerknip. Niet hier en ook niet vanuit Europa. Les 2… het dienblad is niet gevuld met werknemersrechten.

Les 3: Regulering en deregulering is meer dan alleen twee letters verschil.

Looninlevering op zijn Belgisch via de loonnorm, op z’n Duits of in de toekomst op zijn Europees is één. De deregulering van het sociaal zekerheidsstelsel is een ander. Het recept van het Duitse Hartz 4 model bevat volgende kernelementen: beperking in de duur van werkloosheidsuitkering, de verplichte aanvaarding van elke job, de terugval op een forfaitair minimumbedrag. Ze staan letterlijk in de eerste nota Di Rupo, benieuwd wat het regeringsoverleg ons daar gaat bieden. De Duitse toets naar bestaansmiddelen is de logisch volgende stap. En voeg er wat België maar aan toe dat de uitbetaling van de werkloosheidsuitkering door de vakbonden onder druk van en de liberalen en de N-VA staat.
Les 3 : hier wordt niets geregeld, er wordt brutaalweg ontregeld.

Les 4 : Wat we zelf doen, moeten we beter doen.

Deze variatie op de ietwat beladen uitspraak van Gaston Geens dat we in Vlaanderen beter zouden doen dan wat federaal in België mogelijk was wil ik hier niet als misplaatst Vlaams adagium herhalen. Er is de Franse spreuk “plus est en vous”, die eigenlijk eveneens Vlaamse (want) Brugse origine heeft ze is namelijk van Lodewijk van Gruuthuse. We kunnen beter, laat dat een optie en leidraad zijn. En met wij bedoel ik dan expliciet wij als syndicalisten. Ik bedoel dat we de ambitie moeten hebben om ‘het’ beter te regelenen het ons dus niet kunnen veroorloven om de boel de boel te laten. Het verlies van dekkingsgraad van CAO’s die we afsluiten, zo leerde ons te toelichting van Torsten deze morgen, is een rode loper voor lagere lonen, zelfs tot daling van de reële lonen. De Vlaamse werkgevers van Voka, maar ook Unizo zijn radicale pleitbezorgers voor het directe loonoverleg. Ze zeggen op ondernemingsniveau, ze bedoelen op individueel niveau. Het individuele overleg… zonder enige vakbondsinmenging.
Dat is niet wat we verstaan onder ‘beter doen’. Les 4 : we willen het dus wel degelijk zelf doen. Het zal beter zijn voor de werknemers.

Les 5 : Samen zijn we sterker

Het is geen les, het is een devies, een vaststaand feit. Een syndicaal axioma. Laat geen syndicalist dit ooit vergeten en er al zeker niet aan twijfelen. De Belgische bonden zijn sterk, worden wonderwel nog groter, maar zullen op nationaal en weldra op regionaal vlak, hun opdracht slechts degelijk kunnen blijven vervullen indien we de macht van het getal om kunnen zetten in daadkracht. Daarvoor moeten we niet naar anderen kijken, maar naar onszelf. De komende sociale verkiezingen zullen we winnen, dat staat nu al vast, maar een overwinning met alleen maar meer zetels is geen garantie om op alle terreinen ons gewicht en kracht te kunnen laten gelden. De echte wedstrijd wordt gevoerd op het daadkrachtterrein.
De Europese en mondiale problemen verdragen geen nationale, laat staan nationalistische oplossingen. Wat niet wil zeggen dat we ons moeten richten op een Europees of mondiaal gemiddelde van werknemersrechten. Weerwerk zal Europees en mondiaal geïnspireerd en georiënteerd zijn of het zal niet zijn. Les 5 dus: alleen samen sterk is de juiste weg.

Nog een eindles als toemaatje:
Laten we onze informatie zelf halen en vergaren en laten we ons niet verblinden door wat de media ons, bvb. inzake dat Duitse mirakel, willen doen geloven. En om Klaus te parafraseren: laten we de angst geen kans geven, laten we de solidariteit niet ontwrichten.

We zijn allen Duitsers, allen Grieken of morgen allen Italianen, Spanjaarden of Portugezen. We zijn allen bedreigden, niet de veroorzakers maar de slachtoffers. Maar laten we die slachtofferrol niet opnemen, wel de rol van voorvechters omdat het anders kan en anders moet. Er is geen andere weg mogelijk.


8.30.2011

Rechtvaardige verdeling


Ferre Wyckmans, voorzitter van de Landelijke BediendenCentrale, heeft het op de LBC-weblog over de grenzen van de economische groei, over de crisis, de regeringsvorming en de ervaringen uit het verleden. Zoals steeds komt hij bijzonder raak en scherp uit de hoek.
Enkele zeer treffende passages:


Anno 2011 wordt er, ook in niet-progressieve kringen, gesproken over het einde van de welvaartsgroei. In 2008 was er de financiële crisis die de banken rake klappen toediende. De banken konden alleen maar overeind krabbelen dankzij de inbreng van gigantisch veel overheidsmiddelen. De financiële crisis werd al snel gevolgd door een wereldwijde economische crisis, waarbij ondernemingen en burgers een flinke economische dip meemaakten.

Nu is er sprake van een schuldencrisis waarbij zogenaamde ratingbureaus de kredietwaardigheid van overheden en landen beoordelen. Een plusje of minnetje meer op een beoordelingsschaal keldert een hele natie. Het daarop volgende herstel zal ‘forse inspanningen’ van de burgers vergen, zo luidt ongeveer de algemene opvatting.

Toch maar even kijken welke lessen te trekken vallen uit vroegere ervaringen.

Economische groei staat niet gelijk met meer welvaart voor iedereen. Als de economie groeit, kan de welvaart pas toenemen als ook het vraagstuk
van de verdeling wordt aangepakt. Een economie op zich heeft weinig uitstaans met rechtvaardigheid. Net zomin als economische groei per definitie rechtvaardig is. Haast integendeel, ‘de rijken’ – om ze zo maar even te noemen – staan vooraan als het erom gaat de vruchten te plukken van de groei. Daarom zijn er altijd maatregelen nodig om de herverdeling bij te sturen.
Hetzelfde zie je als het wat minder gaat. De baten blijven vaak bovenaan hangen en sijpelen maar mondjesmaat naar beneden. Terwijl de lasten snel hun weg vinden naar de onderste lagen van de samenleving.
De huidige schuldencrisis vergt ‘inspanningen van iedereen’, klinkt het. Het wordt dus opletten om ervoor te zorgen dat die inspanningen niet alleen of in de eerste plaats moeten worden geleverd door wie economisch zwakker staat.

Besparen op onderwijs, sociale voorzieningen en publieke dienstverlening komt bij economisch zwakkeren harder aan dan bij anderen.

De sociale zekerheid inkrimpen en zo de sociale bescherming verkleinen treft vooral de minst beschermde werknemers en de sociale uitkeringstrekkers.

De lonen minder laten groeien komt er vaak op neer dat de aandeelhouders er beter van worden.

Werklozen streng bestraffen om te besparen op werkloosheidsuitkeringen treft de slachtoffers en niet diegenen die de crisis veroorzaakten.

Juist in tijden van besparingen is het belangrijk om de fameuze ‘inspanningen van iedereen’ correct en rechtvaardig te organiseren.


Zoals altijd moet je keuzes maken als je de overheidsfinanciën wil saneren. Keuzes zijn nooit neutraal. Geven we de voorkeur aan ‘The winner takes it all’ of kiezen we voor het liedje ‘Eerlijk zullen we alles delen’?